Bovib FAQ over gevolgen corona crisis voor intermediairs en andere leveranciers van flexibele arbeid.

Hoe zit het met de rechten en plichten van de leverancier van flexibele arbeidskrachten, van de zzp-er en de intermediair, wanneer de opdrachtgever tijdelijk geen inzet wenst vanwege het coronacrisis die ons land in zijn greep houdt?

In deze FAQ geven we als Bovib antwoord op de meest gestelde vragen.

Veel opdrachtgevers zullen – zeker tot 6 april aanstaande – minder gebruik willen maken van de inzet van flexibele arbeidskrachten en zzp’ers. Omdat er geen mogelijkheid is tot thuiswerken, de deuren van de organisatie zullen sluiten of om economische redenen.  

Veel opdrachtgevers beroepen zich op overmacht. Zij zijn doorgaans ook niet gehouden de leverancier en zzp’er te blijven betalen, want ‘geen inzet, geen vergoeding’.

Leveranciers kunnen daarentegen wel gehouden zijn het loon door te betalen, bijvoorbeeld aan uitzend- en payrollwerknemers. Kan de leverancier deze kosten verhalen op de opdrachtgever of is dit het ondernemersrisico van de uitzend- en payrollwerkgever?

Deze vijf vragen en antwoorden bieden duidelijkheid.

1. Wanneer is er sprake van overmacht?

In de meeste in- en uitleenovereenkomsten zullen geen afspraken zijn gemaakt over overmacht (force majeure) die betrekking hebben op de ontstane situatie. In dat geval wordt teruggevallen op de wettelijke bepaling: ‘een tekortkoming kan de schuldenaar niet worden toegerekend, indien zij niet is te wijten aan zijn schuld, noch krachtens wet, rechtshandeling of in het verkeer geldende opvattingen voor zijn rekening komt’.

Omdat opdrachtgevers kort gezegd de verplichting hebben om te betalen en zzp’ers en leveranciers de verplichting hebben om arbeid te leveren, welke verplichtingen zij doorgaans nog best zullen kunnen nakomen, zal een beroep op overmacht van de opdrachtgever richting de leverancier en zzp’ers naar alle waarschijnlijkheid juridisch geen stand houden.

2. Wat betekent dit voor de leverancier die arbeidskrachten ter beschikking stelt?

Behoudens de situatie dat de leverancier een inhuurgarantie is overeengekomen met de opdrachtgever, betekent dit dat zij geen vergoeding ontvangen van de opdrachtgever wanneer er tijdelijk niet is gewerkt. In de meeste overeenkomsten staan bepalingen als: ‘alleen de uren die daadwerkelijk door de Leverancier zijn gewerkt voor de Klant in het kader van de Werkopdracht worden aan Leverancier vergoed’.
De leverancier kan echter wel een loondoorbetalingsverplichting hebben jegens haar payroll- en uitzendwerknemers. In fase A geldt gedurende de looptijd van de uitzendovereenkomst geen loondoorbetalingsverplichting tenzij schriftelijk anders is overeengekomen. In fase B is er altijd een loondoorbetalingsverplichting als het werk wegvalt. Het financiële risico komt dus te liggen bij de leverancier van flexibele arbeidskrachten.

Gelet op de aard van de contracten en vanuit de gedachte dat de leverancier werktijdverkorting (WTV) kan aanvragen komt dit ook niet vreemd of onredelijk voor. Overigens wordt deze WTV nu vervangen door de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (NOW). Een nieuw loket, hierover wordt binnenkort meer bekend.  

3. Wat betekent dit voor de zzp’er?

Een zzp’er ziet zich net als de leverancier geconfronteerd met het tijdelijk wegvallen van zijn inkomsten. Het kabinet heeft een aantal maatregelen aangekondigd die specifiek gericht zijn op steun aan zzp’ers. De BBZ regeling (Besluit bijstandverlening zelfstandigen) wordt fors verruimd. Zelfstandigen die plots (vrijwel) zonder inkomen zitten, kunnen een inkomen op minimum niveau krijgen (een gift ipv een lening). De vermogenstoets of toets op het inkomen van de partner vervalt tijdelijk. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid komt binnenkort met meer informatie hierover. Voor zzp’ers geldt, net als voor andere ondernemers, ook de mogelijkheid tot uitstel van het betalen van (vrijwel alle vormen van) belastingen.

4. Hoe werkt dit met doorleencontracten via een intermediair?

De situatie is geheel gelijk. Een intermediair is jegens haar opdrachtgever de leverancier en jegens haar leverancier de opdrachtgever. Ook een intermediair kan zich derhalve jegens haar leveranciers niet op overmacht beroepen. Een intermediair is een partij in de keten die doorgaans de voorwaarden met de opdrachtgever 1-op-1 spiegelt naar de leverancier en ingeleende zzp-er.

5. Waar kunnen uitzend- en payrollwerknemers terecht voor doorbetaling van loon?

Bij hun werkgever. De werkgevers geldt dat de regeling voor werktijdverkorting (WVT) tijdelijk wordt vervangen door de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (NOW).

Anders dan de WTV gaat de NOW uit van omzetverlies: bij een verwacht omzetverlies 20% of meer kan bij UWV een tegemoetkoming in de totale loonkosten worden aangevraagd van maximaal 90%. Hoe het omzetverlies moet worden gemeten, en wat er precies onder loonkosten moet worden verstaan – vallen bijvoorbeeld ook de pensioenpremie en vakantiegeld daaronder? – is op dit moment nog niet bekend.

Wat wel duidelijk is, is dat het gaat om de loonsom van zowel vaste werknemers als werknemers met een flexibel contract (onder wie ook oproepkrachten). Ook uitzendbureaus kunnen voor de bij hen in dienst zijnde uitzendkrachten een beroep op de regeling doen. 

Deze regeling geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 maart.

Zie deze website van het ministerie van Sociale Zaken voor meer informatie.

De brancheorganisatie voor inhuur-intermediair volgen we de actualiteiten rond dit onderwerp natuurlijk nauwgezet. Zodra daar aanleiding toe is zullen wij hier op onze website een update van dit overzicht publiceren.

Delen:
Show Comments

Comments are closed.