Bovib reageert op het minimumtarief en de zelfstandigenverklaring

De wet rondom het minimumtarief is te complex, de definitie van zelfstandige biedt weinig houvast en er is meer uitleg over het opt-outtarief nodig. In een brief aan minister Wouter Koolmees geeft Bovib advies over de wet minimumbeloning zelfstandigen en zelfstandigenverklaring.

Het kabinet verzamelt reacties op de plannen voor een minimuminhuurtarief en de zelfstandigenverklaring en Bovib heeft een uitgebreide, constructieve feedback gestuurd.

Namens onze leden heeft het bestuur woensdag 4 december gereageerd op de internetconsultatie. Al met al vinden wij het wetsvoorstel rondom het minimumtarief te complex en gedetailleerd. Dit leidt tot onnodige administratieve lasten en onduidelijkheid voor alle betrokkenen.

Ondanks de gedetailleerde omschrijving, biedt de definitie van ‘zelfstandige’ nog steeds te weinig houvast. Daarnaast missen we een transparante uitleg over het opt-outtarief van €75,-.

In een brief aan minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) schrijven we niet alleen wat we vinden van de wet, maar doen we ook suggesties om de wetgeving te verbeteren. Lees hieronder onze reactie op de internetconsultatie of download ons volledige position paper.

Wet minimumbeloning zelfstandigen

Artikel 2 – Definitie zelfstandige
– Het is onduidelijk hoe de gekozen definitie zich verhoudt tot het ondernemersbegrip en of het gebruik van deze definitie ook wordt voorzien in andere wetgeving.
– De definitie van ‘arbeid’ ontbreekt, om bijvoorbeeld onderscheid te kunnen maken met diensten.
– De wet is van toepassing op eigen bv’s, maar niet bij dga’s die binnen een bv samenwerken.
> Suggestie: In de toelichting ontbreekt wat de nieuwe wet betekent voor personenvennootschappen. Suggestie voor toevoeging in art. 2 lid 1: [..] verstaand onder zelfstandige: de partij die anders dan op grond van een schriftelijk overeengekomen arbeidsovereenkomst […]
> Suggestie: Definities moeten aansluiten op de jurisprudentie en op de overeenkomst van opdracht.

Artikel 4: Uitzondering en uitbreiding reikwijdte
> Suggestie: onderzoek of het mogelijk is in meer situaties een billijke vergoeding te verplichten.

Artikel 5: Bijzondere verplichtingen opdrachtgever en opdrachtnemer
– Er wordt onnodig een (tweede) verplichting opgelegd aan alle (grote) ondernemingen in Nederland.

Artikel 6: Minimumarbeidsbeloning zelfstandige
> Suggestie: sluit aan bij de wet op het Auteursrecht door niet te spreken over een vast bedrag, maar over een billijke vergoeding. Ook kan gekeken worden naar een soortgelijke constructie zoals bij het CAO voor architectenbureaus. Dat werd afgelopen november door u bindend verklaard.

Artikel 9: Verplichtingen zelfstandige
– Lid 1 sub a impliceert dat er een schriftelijke offerte moet worden verstrekt. Dit resulteert in een (extra) administratieve last.
– Lid 2 impliceert dat de termijn waarop een factuur mag worden gestuurd na het leveren van de dienst/product wordt verkort tot 14 dagen. Dit leidt tot buitensporig veel druk op de zelfstandige. Wat zijn daarnaast de gevolgen als niet wordt voldaan aan de verplichtingen zoals genoemd in artikel 9 lid 2 sub c en artikel 9 lid 5?

Artikel 10: Verplichtingen opdrachtgever betaling minimumarbeidsbeloning en directe kosten
– De kern van het wetsvoorstel is dat zelfstandigen een minimale vergoeding moeten ontvangen. Onduidelijk is waarom ook dergelijke vergaande formele factuur- en betalingsvereisten nodig zijn.

Artikel 11: Overige verplichtingen opdrachtgever
> Suggestie: opdrachtgevers verplichten om de juistheid van de door de zelfstandige overlegde factuur aantoonbaar vast te stellen is voldoende.

Artikel 12: Uitzonderingen en afwijkende verplichtingen zelfstandige en particuliere opdrachtgever
> Suggestie: definieer het begrip ‘opdrachtgever’
– De verplichtingen gaan verder dan nodig om zelfstandigen te beschermen tegen uitbuiting.

Wet Zelfstandigenverklaring
Ook in dit wetsvoorstel staan zeer complexe en gedetailleerde bepalingen die leiden tot onduidelijkheid en onzekerheid voor alle betrokken partijen. Zo wordt in de Wet op de loonbelasting werken op basis van een zelfstandigenverklaring uitgesloten. Er is dan geen sprake van een dienstbetrekking. De uitzondering geldt echter niet bij een aanmerkelijk belang of voor fictieve dienstbetrekkingen. Met deze bepaling lijkt werken via een broker daarmee uitgesloten van het gebruik van een zelfstandigenverklaring. Het is voor de Bovib onduidelijk wat de reden daarvoor is.

Artikel 1: Definities
– De bedoelde zelfstandige blijft onderworpen aan de werknemersdefinitie in de zin van artikel 45 van het EU-verdrag: [..] eenieder die reële en daadwerkelijke arbeid verricht, met uitsluiting van werkzaamheden van zo geringe omvang dat zij louter marginaal en bijkomstig zijn. Iemand die gedurende bepaalde tijd voor een ander onder diens gezag prestaties verricht tegen beloning [..] Hierdoor sluit de zelfstandigenverklaring een groot deel van het arbeidsrecht niet (per se) uit.

Artikel 2: Zelfstandigenverklaring
– Er ontstaat verwarring door enerzijds over een verklaring te spreken en anderzijds over een overeenkomst.
– Voor de duur van de zelfstandigenverklaring verwijst de Bovib ook naar de aangenomen motie Wiersma/Van Weyenberg over de borg dat het ontzorgen van de zelfstandige voorop blijft staan. De motie roept het kabinet op om ‘in de uitwerking van de zzp-plannen te borgen dat bij een hoog tarief in combinatie met een duur van langer dan een jaar, de zekerheid voor en het ontzorgen van de zelfstandige voorop blijven staan.
> Suggestie: het artikel impliceert dat zodra een ‘toepassingsperiode’ van een jaar is verstreken, er niet langer sprake is van een geldige zelfstandigenverklaring. Er kunnen echter goede redenen zijn waardoor een opdracht een langere looptijd heeft dan een jaar. Haal daarom de termijn van een jaar uit de wet.

Artikel 3: Verhouding zelfstandigenverklaring tot het arbeidsrecht
– Door de grote mate van reflexwerking kan niet meer gesproken worden van een zogenaamde opt-out. Dit draagt bij aan de onzekerheid van zelfstandigen over hun rechtspositie.

Tot slot
De markt heeft behoefte aan regels die duidelijk, uitlegbaar en handhaafbaar zijn. We hopen dat u bereid bent nogmaals met veldpartijen in gesprek te gaan om de wensen van de politiek en de markt samen te brengen, zodat we gezamenlijk een eerlijke en transparante flexbranche kunnen realiseren. Graag lichten wij bovenstaande aanbevelingen toe in een gesprek.

Hoogachtend,

Frederieke Schmidt Crans
Voorzitter Bovib

Delen:
Show Comments

Comments are closed.